Bonjour Tristesse
Zeven eeuwen Franse liedkunst
In de westelijke helft van het voormalige Frankische Rijk van Karel de Grote, wat nu ongeveer Frankrijk is, introduceert men in de 12e eeuw een nieuwe en invloedrijke stroming in de Europese literatuur. De Franken, van oorsprong een Germaanse stam, kennen een imposante epische traditie (van Beowulf tot het Nibelungenlied) waarin heroïek de hoofdrol speelt en heldhaftige krijgers grootse gevaren moeten trotseren. Maar in dit deel van het voormalige Frankische Rijk – dat onder sterke invloed staat van Rome, en waar een Romeinse taal (Romance) gesproken wordt – verandert de woeste krijger langzaam in een rustige edelman, en het epische gedicht gaat de naam dragen van de gesproken taal: Romance.
Aan het hof wordt de Romance veelal voorgedragen in muzikale vorm, en het ‘Chanson’ is geboren.
Het ‘Chanson de geste’ (Lied van de daad) is een van de oudst bekende liederen, uitgevoerd door professionele minstrelen aan het hof, steeds begeleid door een luit. De grootse daden van Karel de Grote en zijn paladijnen worden hierin bezongen.
De nadruk ligt nu echter niet meer op het geweld van de strijd, maar op de Eer van de deelnemers, en de loyaliteit die het feodale systeem van hen eiste, en hun religieuze verplichtingen ten tijde van de Kruistochten.
Niet alleen Karel de Grote wordt bezongen; iets later in de geschiedenis handelen de verhalen over de Keltische Koning Arthur, die veelvuldiger in de Franse literatuur wordt beschreven dan in de Engelse. Het accent ligt echter meer op de Ridders van de Ronde Tafel en de belangrijke rol van Koningin Guinevere. Het nieuwe element in het verhaal wordt de Hoofse Liefde, waarin de Ridder (Lancelot!) onbelemmerd en onbegrensd zijn liefde kan betuigen aan zijn Vrouwe, wetende dat zij altijd buiten bereik zal blijven. Met de komst van Guinevere beginnen we aan een lange traditie van liefdesliederen die leidt tot de uiteindelijke popsong traditie van tegenwoordig, hoofs en niet-hoofs!
Voordat we daar echter aankomen is er heel wat gebeurd in de Franse muziekgeschiedenis. In het concert van vandaag zult u in een vogelvlucht door de wereldlijke Franse en Franstalige koormuziek geleid worden. Via een Hoofs rondeau van de laat middeleeuwse componist Guillaume de Machaut (1300-1377) die een vertegenwoordiger is van de Ars Nova komen we in de Renaissance bij muziek van de Franco-Vlamingen Josquin, Sandrin en Lassus. De overgang naar de Barok laat een eigenzinnige stijl zien, de Musique mésurée, waarvan we een voorbeeld hebben van Claude le Jeune. Dan maken we een sprong naar de 20e eeuw met Saint Saens en de impressionistische componist Debussy, de vertegenwoordiger van de Franse groep Les Six, Poulenc, wiens muziek weer een reactie was op het Wagnerisme en het Impressionisme.
Tenslotte krijgt de muziek een mondialer karakter in de vorm van Messiaen, Ton de Leeuw en Het imposante 12-stemmige werk van Daniel-Lesur.
Zij schreven muziek op een religieuze tekst zonder specifiek naar de liturgische functie te kijken. Het betreft niet direct Joods-Christelijke muziek, maar incorporeert ook de Oosterse mystiek van de Hindus en Islam.
Met een intiem hoofdkussengesprek tussen twee geliefden uit de opera George Sand van Andriessen ronden we het concert af en brengen we het terug naar de menselijke maat.